De laatste tijd zie ik heel vaak discussies passeren over het gebruik van de termen vegan, veganish en hoe die termen ingevuld (moeten) worden. En over andere termen als semi-vegan, of flexi-vegan of zelfs flexanist.

Het gaat dan ook vaak over het feit of een bepaalde persoon zich al of niet vegan kan of mag noemen, of over vegan internet beroemdheden die zichzelf als vegan(ish) uitgeven, omdat ze hoofdzakelijk plantaardig eten, maar wel af en toe een pannenkoek met zuivel of ei eten, of roomijs, of een vis. Of omdat ze een lederen of bontjas dragen of voor hun plezier een namiddagje naar de dierentuin gaan.

Steek niet zoveel energie in discussies over het al of niet vegan zijn van yuppie hipster internet beroemdheden. Laten we het over dierenrechten hebben.

Laat me duidelijk zijn: Ik vind het noodzakelijk dat de betekenis van de term vegan (veganist of veganistisch) wordt bewaakt, en ik onderschrijf de definitie van veganisme:
Veganisme is ‘een filosofie en levenswijze waarbij men – zo veel als mogelijk en praktisch haalbaar – tracht om alle vormen van exploitatie van en wreedheid jegens dieren te elimineren, voor voeding, kleding en andere doeleinden‘.

Daarbij is het al direct duidelijk dat veganisme niet om ‘puurheid’ draait, omdat de inclusie van ‘zo veel als mogelijk en praktisch haalbaar‘ ruimte laat voor onvermijdbare situaties en producten, zoals dierlijke producten in autokabels, het gebruik van alle gemotoriseerd transport, of medicijnen.

En ik vind het ook belangrijk om te onderstrepen dat, omdat ik deze definitie van veganisme wil bewaken, dat niet wil zeggen dat ik een veroordelende vinger uitsteek naar mensen die moeite doen om hun gebruik van dierlijke producten te verminderen of naar mensen die op weg zijn om veganist te worden.

Maar veganisme staat wel gelijk aan respect voor dierenrechten, en zo veel als mogelijk proberen om anti-speciesistisch te leven.  Het verwateren van de invulling van veganisme (door het bewust en gericht dierlijke producten te gebruiken ook als vegan te gaan beschouwen of door het introduceren van termen als ‘veganish’) komt neer op het verwateren van de kernboodschap van veganisme: rechtvaardigheid.
Maar rechtvaardigheid is ondeelbaar.

Maar dat is zelfs helemaal niet het punt dat ik hier wil maken.

Mijn punt is precies dat er VEEL te veel energie wordt gestoken in discussies over WIE wel of niet vegan is en het gebruik van nieuwe termen als veganish en flexivegan. En de kern van de zaak, waar het bij veganisme in essentie om draait, gaat bij dergelijke discussies vaak compleet verloren: de dieren! 

Hou de focus op waar het echt om draait: de dieren. Rechtvaardigheid voor dieren. Breng dierenrechten terug in het debat.

Stop met zoveel energie te verspillen in discussies over het al of niet vegan zijn van yuppie internet beroemdheden (here today, gone tomrrow). Wanneer de aanleiding voor de discussie het eten van zuivel of eieren is, of het gebruik van leder of wol, of naar een dolfinarium of dierentuin gaan, leg dan uit waarom dergelijk praktijken een inbreuk vormen op dierenrechten, en wat en waarom dat speciesisme is. Discussieer over welke acties en campagnes meest aangewezen zijn om speciesisme te ontmantelen, op alle fronten waarin het zich manifesteert: in wat we eten en dragen, in vermaak, voedselproductie en in het nastreven van wetenschappelijke kennis. Hoe kunnen we landbouwers overtuigen om geen dieren meer te kweken en over te schakelen naar een veganistische landbouw?

Steek de koppen bij elkaar om te brainstormen over hoe we dierenrechten op de sociale en politieke agenda kunnen krijgen. Discussieer hoe we een hand kunnen reiken naar andere sociale bewegingen, en welke stappen we moeten zetten om dierenrechten én mensenrechten te respecteren.

Laten we het over dierenrechten hebben. Laten we het over rechtvaardigheid hebben.

Violet met Thanksgiving pompoen. Farm Sanctuary, NY, USA. Foto credit: Jo-Anne McArthur / We Animals